Kwetter-tv

Er was een tijd waarin we geen tv hadden. Open haard, boeken, radio en vast heel goede gesprekken. Iedere dag weer, met dezelfde koppen als de avond ervoor. En vroeg naar bed natuurlijk. Tegenwoordig is dat niet meer zo. Mijn tv is mijn levende behang en vult mijn stille momenten automatisch op.

Als ik sta te koken, luister ik lang niet altijd écht naar wat Albert of Matthijs kwetteren. Maar wanneer ze niet kwetteren als de tv uitstaat, dan mis ik ze. TV is stiltevulling. Je hóeft niet te kijken, maar hij kwettert vrolijk door en vult zo je omgeving.

Je vraagt je af hoe mensen dat vroeger deden.

Zouden zij de stilte 'gevoeld' hebben, als ze de piepers stonden te schillen en er even niemand sprak? Misten mensen destijds het loze gekwetter als ze alleen waren met hun gedachten?

Schrijver John Updike schreef ooit: "Television is a fire. Entering an empty room, we turn it on, and a talking face flares into being." In een lege kamer 'vlamt' een pratend gezicht het 'nu' in. En John kan nog gelijk hebben gehad ook.

Was het vuur in een huis de tv? Iets om naar te staren? Dat constant knetterde en de stilte vulde, zoals onze tv nu constant kwettert? Als je niet weet dat je door gekwetter uit een glazen kastje vermaakt wordt, bedenk je je dan ooit dat zoiets er zou moeten zijn?

Zagen mensen vroeger al in dat het vuur hen vermaakte?
Misten ze een soort 'tv'?
Hoe onmisbaar is de tv nu eigenlijk?
Zou een doos waxinelichtjes ook gewoon volstaan?

Flatscreen

Reageren