Column Carlo Boszhard

Carlo Boszhard laat deze week zijn rug ontharen

24 Juni 2021 14:36 | columns | Door Irma Tomas

© RTL/Televizier
De wedstrijden van het Nederlands elftal zijn dezer weken het belangrijkste in huize Boszhard, maar Carlo moet ook van zijn harige rug af.

Glad,

Het is voetbal, voetbal en nog eens voetbal wat de klok slaat. En ik geniet, bij elke wedstrijd van Oranje heb ik het gevoel dat ik jarig ben (terwijl dat pas aanstaande zondag is). Mijn ouders komen met een zelf meegebrachte emmer kaasblokjes de eerste wedstrijd van Oranje bekijken. Mijn moeder gilt, mijn vader vloekt net als ik en het Amsterdamse straattaaltje neemt bezit van mij.  Zo ben ik opgegroeid.

Wij zeggen thuis niet: ‘dat heb ik niet gezegd’ maar op zijn plat Amsterdams ‘dat zee ik niet!’ De z wordt een s en ik moet nog altijd opletten wanneer ik op tv ben. Soms haal ik ze wel eens door elkaar en dan komt er kritiek. Terug naar de wedstrijd. Als je op mijn Instagram kijkt, zie je dat mijn moeder helemaal losgaat.

De emmer kaasblokjes vliegt door de kamer en elke speler wordt op z’n Amsterdams bejubeld of helemaal verrot gescholden. “Pestbak! Ja, ja, nee! Erin! Niet weer terug, naar vóren!” Ik voel me twee keer drie kwartier weer helemaal kind. Ik huil mee met Daley Blind en scheld op Weghorst: “Ga weg, Horst!” Maar drie seconden later is het mijn held, top gedaan ouwe! Het Europees Kampioenschap is deze zomer mijn leven en niks is belangrijker dan dat de wedstrijden van Oranje gladjes verlopen.

Waar het niet gladjes verloopt is op mijn rug. Het is misschien een taboe, maar er zit haar op. Dus tussen de wedstrijden door op naar de schoonheidsspecialist. Ze is een lieve dame die mijn rug bekijkt alsof het een angoratrui is. “Daar ben ik wel even mee bezig, ga maar rustig liggen”, zegt ze accentloos. Er komt een strip op mijn rug en ik zet me schrap. Je weet dat het moment komt wanneer ze gaat trekken. Het is bijna net zo spannend als de wedstrijd Nederland - Oostenrijk.

Dan komt de truc: de lieve dame stelt mij een vraag om mij af te leiden. Ik weet dat wanneer ik antwoord geef zij gaat trekken, ik ben niet gek. “Volg je ook het voetbal of kijk je daar niet haar... eh... naar?” Rustig haal ik adem en ze… trekt! Het scheldwoord op zijn plat Amsterdams dat volgt, kan ik hier niet zeggen. Ook die ben ik net als mijn rug glad vergeten!

Meer over