Interview met Lies van De Noodcentrale

In De noodcentrale zien we de mensen achter de noodnummers 112 en 0900-8844 aan het werk. Lies Fris (34) is een van de centralisten. ‘Je moet per minuut schakelen’

Wat vind je mooi aan je vak?
“Met dit werk kun je echt iets voor mensen betekenen, je staat middenin de maatschappij en leeft mee met zaken die normaal achter de voordeur verborgen blijven. Oude mensen die beroofd zijn, kindjes die betrokken zijn bij een ongeluk. Dat soort dingen zijn natuurlijk heftig. In het begin nam ik dat wel me naar huis, maar het slijt gelukkig. Natuurlijk hebben we protocollen als leidraad, maar ik vind het fijn dat je nooit op de automatische piloot werkt. Je moet altijd zelf blijven nadenken, goed luisteren en geen aannames doen.”

Vind je het goed dat hier een programma over wordt gemaakt?
“Ik vind het mooi om te laten zien hoe divers ons werk is. Het gaat van mensen die hun paspoort zijn verloren, tot heftige 112-meldingen. Ik denk dat het ook goed is dat mensen zien hoe druk we het hebben. Het gaat de hele dag door, je moet per minuut schakelen, snel beslissingen nemen. We kunnen dus niet altijd een halfuur aan de lijn blijven, het volgende telefoontje wacht.”

Heb je veel boze mensen aan de lijn?
“Mensen komen soms wel boos binnen, maar die woede komt ergens vandaan. Zelfs van blikschade kun je behoorlijk overstuur zijn. Ik moet me natuurlijk inleven in de situatie aan de andere kant van de lijn, maar andersom wil ik ook begrip voor mijn werk. Mensen krijgen niet altijd het antwoord dat ze willen horen, we sturen niet meteen een politieauto overal op af. Het mooiste is als we een gesprek toch rustig afsluiten. Iemand is geholpen, gerustgesteld of heeft een luisterend oor gehad. Soms zijn we halve maatschappelijk werkers.”

De noodcentrale, donderdag - 22.20 • NPO 1

Meer over:

Reageren