Tijl Beckand: ‘Al mijn programma’s gaan over mensen’

Weinig presentatoren zijn zo veelzijdig als Tijl Beckand. Van klassieke muziek tot fotografie van cabaret tot quizzen en De Verraders. Hoe combineert hij die totaal verschillende programma’s?

Hoe houd je je werk als presentator van ‘De Verraders’ interessant?

De Verraders en mijn rol erin ontwikkelen zich continu. Dat komt ook doordat het programma in ruim 35 andere landen een eigen versie heeft gekregen. Ik wilde die de eerste jaren niet kijken, maar heb dat inmiddels toch gedaan. Dat voelde heel gek. Net alsof er iemand in mijn huis rondloopt, in mijn keuken, maar het was wel heel nuttig. In het buitenland pakken ze het net anders aan en dat brengt ons weer op ideeën.” 

Je maakt programma’s over veel verschillende onderwerpen; van fotografie tot klassieke muziek. Hoe bepaal je of je iets wil doen?

“Ik zeg ook vaak nee, maar als ik wel aan een programma begin, wil ik er minimaal honderd afleveringen van kunnen maken. Bij Het perfecte plaatje hebben we daar lang over gediscussieerd. William Rutten dacht dat het bij één reeks zou blijven, maar na dat eerste seizoen met kandidaten die al konden fotograferen, kwam een seizoen met deelnemers zonder ervaring. Ook leuk, misschien zelfs wel leuker.”

Passen al die programma’s binnen je interesses?

“Ik heb geen diepe interesse in fotografie of het verbouwen van woningen zoals in De moeite waard. Voor mij gaan die programma’s niet over ISO-waardes, klassieke muziek of verraad; ze gaan over mensen. Het klinkt misschien wat pathetisch, maar ik wil de persoon achter de oud-sporter, de acteur of de augurkenkoning zien. Die programma’s zijn alleen maar het middel; ook in De Verraders komen mensen meer te weten over de hiphopartiest of de journalist.”

Het hele artikel leest u in de Televizier van week 13. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Maarten van der Meer

Yvette van Boven: ‘In Ierland zakt mijn hart terug op zijn plek’

In Bij Van Boven thuis, in Ierland neemt culinair journalist Yvette van Boven de kijkers mee naar haar geboorteland. ‘Ik hou van de stilte en de rust die ik hier vind.’

Is je nieuwe programma een droom die uitkomt?

“Ja, omdat ik hier echt op mijn best ben. In Nederland ging ik voor mijn programma’s naar boeren, fruittelers, imkers en vissers om te laten zien wat ze doen. Hier doe ik hetzelfde, in een prachtig gebied dat bekendstaat om de bijzondere mensen die hier wonen en de producten die ze maken. Ik ken ze allemaal goed en ze hebben geweldige verhalen te vertellen. Toen we gingen filmen, hadden we eigenlijk te veel. We zouden makkelijk drie of vier afleveringen meer kunnen maken dan de zes die we nu hebben. Daarom hoop ik dat er een tweede seizoen komt.”

Welke van de bezoekjes die je aflegde, sprong er voor jou uit?

“Oef, dan is het net alsof je een moeder vraagt tussen haar kinderen te kiezen… Maar vooruit: mijn bezoek aan Max. Hij is half Welsh, half Italiaans en weet heel veel van historische conserveringstechnieken. Hij kan prachtig vertellen over hoe mensen honderd jaar geleden leefden zonder koelkasten. Ierland heeft enorme armoede gekend, onder meer door de Engelse kolonisatie, en de manier waarop mensen toen met voedsel omgingen is echt fascinerend. Hoe ze melk bewaarden bijvoorbeeld, en hoe ze dingen maakten van wat in hun omgeving aanwezig was. Max nam ons mee naar een baai en liet zien hoe je scheermessen en kokkels uit het zand haalt. Die roosterden we op het vuur, op het strand, net voordat het tij opkwam. Gratis eten, waar mensen normaal gesproken zonder na te denken overheen lopen. Ik vond dat magisch.”

Waarom voel je je zo thuis in Ierland?

“Alles doet me aan vroeger denken, dat maakt het heel vertrouwd. Nederland blijft ook leuk hoor, we hebben niet voor niets nog een huis in Amsterdam-Noord. Toch is dit de plek waar ik hoor, waar mijn hart terug op zijn plek zakt. Bovendien houd ik van de positieve soort eenzaamheid die ik hier vind: de stilte en rust. Mijn man Oof houdt gelukkig net zo van Ierland als ik. Soms ben ik hier als hij in Nederland aan het werk is. Dan vind ik het helemaal niet erg om hier in m’n eentje te zitten en ga ik lekker vaak met mijn hond Hughie naar zee. Ook hij heeft hier een geweldig, vrij leven.”

Dit en meer leest u in de Televizier van week 13. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Maarten van der Meer

Klussen als ultieme relatietest

Het blok is dit keer in de Rotterdamse volkswijk Crooswijk. De deelnemers doen nu ook klusjes voor hun buren. Presentator Dennis van der Geest legt uit hoe dat werkt.

Wat is er anders in dit seizoen van ‘Het blok’?

“We zitten weer in de grote stad, in het Rotterdamse Crooswijk, een oude volkswijk. Daar wonen mensen met veel verschillende nationaliteiten, en ik denk dat het een van de armste wijken van Nederland is. Wel zie ik dat er de afgelopen jaren veel is veranderd. Volgens mij zijn ze heel hard bezig om de wijk te upgraden. Ik zie dat er enorm veel geld wordt geïnvesteerd.”

Hoe verloopt het contact tussen de klussers en de buurt?

“Er wonen echte Rotterdammers en die zijn niet op hun mondje gevallen; daar moet ik vaak om lachen. We proberen ervoor te zorgen dat de klussers de banden met de buurtbewoners aanhalen. Zo kunnen ze extra budget verdienen door klusjes in de wijk te doen. Wat kleine dingetjes in een buurthuis, wat elektra in het huis van een oudere vrouw. Dat is mooi hoor, zo zorgen we er meteen voor dat het project in de buurt is geïntegreerd.”

Dit is jouw derde seizoen als presentator van ‘Het blok’. Zou je inmiddels zelf ook een goede deelnemer zijn?

“Misschien als ik iemand naast me heb die goed kan plannen, daar ben ik niet zo goed in. Dat zie ik vaker terug, vooral bij creatievelingen. Die kunnen van een appartement echt iets moois maken, maar de planning is voor hen vaak een valkuil.”

Het hele artikel leest u in de Televizier van week 12. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Richard Roosenboom

Lone van Roosendaal: ‘Billy blijft een vrouw met een randje.’

Lone van Roosendaal kruipt na vier jaar weer in de huid van Billy de Palma, de lang doodgewaande diva van Goede tijden, slechte tijden.

Wist je altijd al dat Billy nog leefde?

“Nee, dat kwam als een verrassing. Uitvoerend producent Idse Grotenhuis belde me een paar jaar geleden om te vertellen dat ze Billy dood gingen verklaren. Daarmee was het wel klaar, dacht ik. Een jaar geleden werd ik toch weer benaderd. In een soap kan alles en Billy is net een kat met negen levens.”

Je hebt wel ineens een nieuwe dochter, hoe was dat?

“Jolijn Henneman en ik kennen elkaar al uit de musicalwereld. We vullen elkaar op een heel natuurlijke manier aan, omdat we allebei theatraal denken. Ze vult de rol van Shanti anders in dan haar voorganger Bertrie Wierenga. Grappig genoeg lijkt ze voor mijn gevoel daardoor juist meer op Billy.”

Had je zelf voorwaarden of ideeën voor Billy’s comeback?

“De makers van GTST staan meer dan ooit open voor suggesties van de cast. We lezen de scripts tegenwoordig veertien dagen voordat we gaan opnemen. Dat geeft de schrijvers tijd om bij te sturen als plotlijnen niet duidelijk zijn of dialogen niet lekker lopen. Ik ben zelf nogal een taalpurist, dus het is prettig om die vrijheid te krijgen. Uiteindelijk kennen acteurs hun personage toch het beste.”

Dit en meer leest u in de Televizier van week 12. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Jef Willemsen

De onnavolgbare Johan Cruijff

Tien jaar na zijn dood is de herinnering aan Johan Cruijff nog springlevend. Wat maakt hem zo bijzonder? De documentairereeks Cruijff laat dat zien aan de hand van uniek materiaal uit het familiearchief.

Johan Cruijff is een icoon, een unieke persoonlijkheid. “Dat maakt hem de heilige graal voor documentairemakers”, aldus producent Jaap Schneider. Drie jaar geleden vonden Cruijffs vrouw Danny en zijn kinderen Susila, Chantal en Jordi de tijd rijp voor een documentaire over Johan. Ze wilden zelf in de hand houden wie ze toegang verleenden tot het familiearchief. De keuze viel op Schneider (van de documentaire Dat ene woord: Feyenoord) en James Gay-Rees, die eerder documentaires produceerde over Formule 1-coureur Ayrton Senna, voetballer Diego Maradona en zangeres Amy Winehouse.

Schneider, Gay-Rees en regisseur Sam Blair konden putten uit uniek materiaal. Van stoffige fotoalbums tot zwemdiploma’s; van hypotheekaktes tot vakantievideo’s. Ook vrienden en kennissen droegen materiaal aan, en zelfs bij Spaanse omroepen lag veel materiaal in bewaring. Al dat materiaal schetst een uniek beeld van de voetballer, de trainer en de mens Johan Cruijff.

Veel beter

Zo zitten in de vierdelige documentaireserie Cruijff krantenberichten van toen Johan Cruijff een jaar of tien oud was. Zelfs toen wist hij al dat hij veel beter was dan zijn leeftijdgenoten. De mensen om hem heen zagen ook dat hij geen doorsnee voetballer was. Het verbaasde dan ook niemand dat hij al op zeventienjarige leeftijd debuteerde in het eerste elftal van Ajax. Hij scoorde meteen.

Dat succes steeg hem niet naar het hoofd, vertelt sportjournalist Kees Jansma. “Hij wist hoe goed hij was, maar dat snoeverige ontbrak totaal. Terwijl ik bij andere voetballers met minder talent vaak vond dat het wat hun ego betreft wel wat minder kon.” Jansma roemt met name zijn spelinzicht en zijn compleetheid: “Hij was spits en spelmaker tegelijk, Cruijff kon alles en zag alles.”

Dit en meer leest u in de Televizier van week 12. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Maarten van der Meer

De traan van Máxima

Het eerste seizoen van Máxima was een groot succes en werd verkocht aan tientallen andere landen. Het langverwachte vervolg toont het volgende hoofdstuk uit het leven van Máxima Zorreguieta (Delfina Chaves): haar verloving en huwelijk met Willem-Alexander (Martijn Lakemeier), de geboorte van hun dochters en het leven als lid van het koninklijk huis, met alle regels, protocollen en verplichtingen die daarbij horen. Ook drama’s als de aanslag op Koninginnedag in Apeldoorn in 2009 en de dood van prins Friso komen voorbij.

Nieuwe gezichten zijn die van Jette van der Meij als Margriet, Claire Bender als Mabel en Abby Hoes als Laurentien.

Vanaf 14 maart op Videoland.

Dit en meer leest u in de Televizier van week 11. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Johnny de Mol: ‘Bij elk gevoel kan ik een lied bedenken’

Johnny de Mol laat zijn liefde voor muziek zien met de muzikale spelshow I’ve got the music in me. Als zoon van zangeres Willeke Alberti kreeg hij de muziek met de paplepel ingegoten.

Wat is ‘I’ve got the music in me’ voor programma?

“Een spelshow die op allerlei manieren over muziek gaat. De deelnemers moeten songtitels uitbeelden, liedjes raden die in andere muziekstijlen zijn gespeeld, songtitels ontwarren uit sketches van Jeroen van Koningsbrugge en Dennis van de Ven en er komen bijzondere muziekinstrumenten langs, zoals de zingende zaag.”

Welke BN’ers doen er zoal mee?

“Onder anderen André Hazes, Rolf Sanchez. Danny de Munk en John de Bever. Ze nemen allemaal een familielid, buurman of kennis mee. De teams bestaan dus uit mensen die elkaar goed kennen. Dat levert een leuke dynamiek op; die mensen durven elkaar de maat te nemen, op een leuke manier. Wolter Kroes neemt zijn dochter mee, April Darby haar verloofde. Ik hoop dat die twee het een beetje met elkaar eens zijn en dat ze aan het einde van de show nog steeds willen trouwen.”

Ben je zelf muzikaal?

“Dat heb ik met de paplepel binnengekregen. Ik ben natuurlijk een De Mol, maar ook een Alberti. Ik ben veel mee geweest naar optredens van mijn moeder Willeke. Als jongetje was ik al met muziek bezig: ik zette drie cd-spelers naast elkaar en mixte Supertramp, Stevie Wonder en Johnny Jordaan dwars door elkaar heen. Daarnaast speelde ik gitaar en heb ik in een bandje gezeten.”

Het hele artikel leest u in de Televizier van week 11. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Maarten van der Meer

Dan Karaty: ‘Als ik dans, vergeet ik alles’

Na elf jaar keert So you think you can dance terug, op Net 5. Vast jurylid van de show, Dan Karaty, is weer van de partij.

Waarom heb je opnieuw ja gezegd tegen een plek in de jury?

“Omdat er simpelweg geen ander programma is dat de magie van dansen zo goed weet te vangen als So you think you can dance. Er zitten geen toeters en bellen aan; het is puur de reis die de kandidaten maken, vanaf het moment van hun auditie. Ze moeten zich kunnen aanpassen aan alle stijlen die de jury van ze vraagt, en aan de verschillende partners met wie ze dansen. Verder blijft dans zich als kunstvorm ontwikkelen. De deelnemers worden alleen maar beter. Dat blijft te gek om te zien.”

Waar let je op als jurylid?

“Het allerbelangrijkste is dat de deelnemers me weten te boeien, dat ze me vermaken. Het maakt niet uit hoe goed hun techniek is; als ze mij en het publiek niet weten te vangen met hun dans, hebben ze een probleem. Dansers moeten me aan het lachen of aan het huilen maken; ze moeten me iets laten voelen.”

Je bent jurylid geweest bij veel verschillende dansprogramma’s. Hangt dansen je nooit de keel uit?

“Nooit, nooit, nooit! Kan een danser me vervelen? Natuurlijk, soms is een auditie slecht of heeft iemand het gewenste niveau niet. Maar de kunstvorm zelf, in al zijn facetten, weet me nog steeds te raken. Soms op de onverwachtste momenten. Elke opnamedag veer ik minstens een paar keer op uit mijn stoel, omdat er op het podium iets waanzinnigs gebeurt.”

Dit en meer leest u in de Televizier van week 11. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Jeroen Keijzer

Groen in volle bloei

Rust en Vreugd draait om het gelijknamige volkstuincomplex. Nieuwkomer Emma belandt in een wondere wereld van heghoogtes, tuinbingo’s en slakkenbeleid. Regisseur Tim Oliehoek en hoofdrolspeelster Annet Malherbe bomen over deze komische dramaserie.

Een van de bestbekeken Nederlandse dramaseries van de afgelopen jaren was Het geheime dagboek van Hendrik Groen. Nu komt er een nieuwe serie die gebaseerd is op een boek van Groen (pseudoniem van Peter de Smet): Rust en Vreugd. Tim Oliehoek neemt ook ditmaal de regie voor zijn rekening, en ook nu is het een verhaal vol herkenbare personages en situaties. Volgens de regisseur is dat de kracht van Groens werk. “Het geheime dagboek van Hendrik Groen draait om ouderen, maar iedereen kan zich aan deze thema’s spiegelen: het gaat om vriendschappen en verliefd worden.
En in Rust en Vreugd sluimert voor iedereen herkenbare rouw en verlies overal doorheen; Emma is net haar man verloren, en ze eert nu zijn grote wens om een volkstuintje te hebben.” Hoofdrolspeelster Annet Malherbe was geïntrigeerd door deze setting. “Het is de samenleving in het klein, vol met eigen regeltjes. Tijdens de opnames had ik een tuinbroek aan. Een huurder kwam naar me toe en zei: ‘Op dit park draagt werkelijk niemand een tuinbroek.’ Het was geen verwijt, maar ze vond het wel nodig dat ik het even wist.”

Verzet tegen het regime

Oliehoek vindt universele thema’s als verliefdheid en rouw mooi om mee te werken, en er is nog een andere reden waarom hij graag Groens verhalen verfilmt: ze gaan over mensen die zich verzetten tegen het regime. Dat geldt voor de inwoners van het verzorgingshuis tegen de rigide leiding in Het geheime dagboek van Hendrik Groen en de stadse Emma tegen het bureaucratische parkbestuur in Rust en Vreugd. “Mensen kijken graag naar kleine conflicten. Niet alleen voor het drama, maar ook voor de humor. Ik vind personages grappig die iets willen, maar wat net niet lukt. Dat is de kern van komedie.”

Dit en meer leest u in de Televizier van week 10. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.


Tekst: Jeroen Keijzer

Konkelen in de tuin

Vanaf de start is De Verraders een groot succes. Het trekt meer dan een miljoen kijkers en is aan meer dan 35 landen verkocht. Wat is het geheim?

Niemand zag er wat in. Bedenker Marc Pos leurde jarenlang met het idee voor De Verraders. De regisseur van onder meer De lama’s, De wereld draait door en Big brother had het basisidee al in 2014 in zijn hoofd. Hij had een boek over de Batavia gelezen, het VOC-schip waarop in 1629 muiters en trouwe bemanningsleden elkaar vermoordden. Niemand wist aan welke kant de ander stond. Dat basisgegeven werkte hij samen met collega Jasper Hoogendoorn uit tot een format voor een spelprogramma. Na jaren pitchen en veel afwijzingen was het uiteindelijk RTL dat in 2021 brood zag in het idee.

Pos denkt dat de tijd er rijp voor was. In het Algemeen Dagblad legde hij uit: “We leven in een wereld waarin mensen moeite hebben elkaar te vertrouwen. De Verraders sluit aan bij dat algemene gevoel van wantrouwen en verraad.” De eerste aflevering trok meteen ruim een miljoen kijkers; in 2022 won het programma de prestigieuze televisieprijs de Gouden Roos, in de categorie beste realityprogramma. Inmiddels is het format aan meer dan 35 landen verkocht. Het Amerikaanse The Traitors, met acteur Alan Cumming als presentator, won de afgelopen twee jaar de Emmy Award voor beste realityprogramma.

Gekonkel

In Nederland presenteert Tijl Beckand De Verraders. Hij heeft een dienende rol en weet in zijn korte optredens de spanning goed op te bouwen. Zoals in de openingsaflevering, als alle deelnemers met gesloten ogen of geblinddoekt aan een grote, houten tafel zitten en hij langzaam achter ze langsloopt. Bij sommigen legt hij voorzichtig een hand op de schouder; zij zijn de Verraders. De anderen zijn de Getrouwen. Doordat de Getrouwen niet weten wie de Verraders zijn, begint het gekonkel meteen.

Dit en meer leest u in de Televizier van week 10. Deze editie ligt nu in de winkel. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Maarten van der Meer

Back to top