Interview

Chantal Janzen over Sunday Night Fever

Chantal Janzen zoekt een nieuwe ster die discokoning Tony Manero zal spelen in de musical Saturday Night Fever. Zaterdagavond is de start, zondagavond gaat het programma meteen verder.

Frits Sissing deed het bij de AVRO; Chantal Janzen doet het nu bij RTL 4. Ze gaat op zoek naar de hoofdrolspeler voor een nieuwe grote musical, ditmaal Saturday Night Fever. En die hoofdrolspeler moet kunnen acteren, zingen en dansen. Sterker nog, deze Tony Manero moet ons John Travolta, die Tony in de film speelde, en diens soepele discodansjes doen vergeten. Een pittige taak voor Chantal, die bij de audities al merkte dat niet iedere kandidaat z’n auditie even serieus nam. „Er waren er bij die nog nooit een dansles hadden gevolgd. Daar begrijp ik niets van.”

Hoe zit het programma precies in elkaar?
Chantal: „Ik presenteer en er zijn twee coachingduo’s die de deelnemers moeten stimuleren: Carlo Boszhard & Julie Fryer en Kim-Lian van der Meij & Jan Kooijman. Van Carlo kunnen de kandidaten perfect leren hoe ze een zaal moeten inpakken. Kim-Lian ­kent weer alle kneepjes van het musicalvak en Jan is een fantastische danser geweest, net als Julie. Als je de vier coaches in een blender zou stoppen, zou daar de perfecte musicalster uit komen. En iedere show gaan er twee ­jongens uit: één per team. Dat bepalen de coaches, maar het publiek mag meestemmen.”

Is dit de zwaarste mannenrol die er is in musicalland?
„Fysiek zeker. Het personage Tony Manero zit in bijna elke scène, en wat dansen betreft is het loodzwaar. Dansen is zijn lust en zijn leven. Tony is de dans­koning, en dat moet je kunnen zien wanneer je in de zaal zit.”

De auditieronde is al achter de rug. Hoe ging het?  
„We begonnen met honderd kandidaten en eindigden met achttien; het was een ontzettend zware auditie. De kandidaten moesten een parcours afleggen waarbij ze moesten springen, duiken, vallen, dansen, zich opdrukken en dan ook nog tegelijkertijd She’s a maniac zingen. In eerste instantie leek me dat te veel, maar eigenlijk moeten musicalartiesten zo’n parcours elke dag afleggen. Je combineert al die dingen, zorgt ervoor dat het er vlekkeloos uit komt en doet alsof het heel gemakkelijk is.”

Zien we bekende gezichten terug tussen de kandidaten?
„Dat kan bijna niet anders. ­Sommige jongens zijn zo getalenteerd dat je die altijd tegenkomt. En iedereen mocht meedoen bij de audities. Dat betekent dat we heel goede mannen over de vloer kregen, maar ook iets minder getalenteerde. Zoals mensen die alleen maar een beetje konden zingen en nog nooit een dansles hebben gehad. Dat vond ik moeilijk. Dit is mijn vak, het is het enige wat ik goed kan, en dan kan ik er niet tegen wanneer iemand op auditie komt zonder dat hij weet waar het verhaal over gaat. Dan nemen ze het vak niet serieus. Dat ze dat zichzelf op televisie willen aandoen, begrijp ik ook niet. Toch houden we die mensen niet voor de gek in het programma: het gaat eraan toe als bij een echte musical­auditie. We melken niets uit en geven geen aandacht aan mensen omdat ze alleen kleurrijk zijn.”
 
Jouw eerste hoofdrol in een musical was ooit in Saturday Night Fever.
„Daarom heb ik ook zo veel met dit programma. Ik moet zelfs oppassen dat ik me er niet te veel mee ga bemoeien. Ik heb goede herinneringen aan die tijd. Het was ook de eerste grote rol voor Joost de Jong, die toen Tony speelde. Heel raar dat we toen die kans kregen. We vroegen ons af waarom wíj het waren geworden, want we vonden dat we niets kon­den. Zo denk je dan over jezelf.”

Heb je nu geen rol in deze musical?
„Nee, ik speel op dit moment in de musical Wicked. Noortje ­Herlaar, die Op zoek naar Mary Poppins heeft gewonnen, gaat ‘mijn’ rol in Saturday Night Fever spelen. Ik vind haar een onwijs groot talent, dus kan me er alleen maar op verheugen.”

Over Op zoek naar…: vind je het niet zielig voor Frits Sissing dat zijn show is gestopt?
„Nou zielig, Frits redt zich wel. Die zit niet in een hoekje te huilen, ofzo. Sowieso wordt een ander programma.”
 
Jij combineert al heel lang musical met tv-werk. Zou jij niet de nieuwe Linda de Mol zijn als je je alleen op tv zou richten?
„Ik weet niet hoe jij erover denkt, maar ik vind dat het best goed gaat. Ik heb redelijk wat leuke dingen mogen doen.”

En als je alleen musical zou doen, zou je dan een internationale ster zijn?
„Dat durf ik helemaal niet. ­Duitsland zou ik wel willen proberen, maar verder ook niet. Ik ben ook veel te gehecht aan Nederland. Bovendien loopt in het buitenland veel meer talent rond. Ze zitten helemaal niet op mij te wachten. Musical en tv kunnen ook heel goed naast elkaar bestaan; het is niet zo dat ik één van de twee afraffel.”

Je staat nu in het theater met de musical Wicked. Gaat het nooit ­vervelen om een show week in, week uit te spelen?
„Theater is een grote liefde; dan is het niet erg om jezelf voor ­langere tijd aan iets te verbinden. Ik ben eraan gewend. Tarzan speelde bijna drie jaar. ”

Daar word je toch gek van?
„Nee, het is mijn werk, mijn liefde. Ik hou ervan, het is het allerleukste wat er is.”

Kun je uitleggen wat er zo leuk aan je vak is?
„Dat is moeilijk uit te leggen. Ik vind het fijn wanneer mensen na een voorstelling naar buiten komen en zeggen: ‘Wat heb ik een mooie avond gehad.’ Dat je mensen drie uur lang betovert. Musical heeft die kracht. Het is magisch.”

Zo zit het programma in elkaar
Twaalf mannen halen de liveshows en vechten om de rol van Tony Manero in de musical Saturday Night Fever. Elke week vallen er twee af tot op 1 januari, in de grote finale, de winnaar bekend wordt. De talenten worden begeleid door coachteams Carlo Boszhard & Julie Fryer en Kim-Lian van der Meij & Jan Kooijman. Deze zaterdag worden de audities uitgezonden. Daarna is zondag de vaste uitzenddag met liveshow. 

Reageren