Van presentator Martijn Krabbé

Interview: Mariëlle van Essen over haar werk bij Pro Deo

Marielle van Essen is de dame tussen de haantjes van Pro Deo. In dit seizoen van het programma laat ze wederom het kaas niet van haar brood eten.

Waarom wilde je meewerken aan een tweede seizoen Pro Deo?

"Het eerste seizoen was succes­vol en leuk om te doen. Ik vind het ongelooflijk hoe veel je kunt bereiken met Martijn Krabbé en een camera erbij. Dan gaan er net wat meer deuren open. Normaal doe je het alleen, maar samen bereik je meer. Het is toch anders als Krabbé aanbelt en mensen vraagt: ‘Hoe kunnen we dit oplossen?’”

Hoe kiezen jullie de zaken uit?

"Dat gaat precies zoals je ziet op televisie. We kijken naar welke zaken het meest schrijnend zijn en welke leuk zijn voor de kijkers. En je eigen zaak kies je op basis van affiniteit. Als je twaalf jaar strafpleiter bent, is het best leuk een tegelzetter bij te staan in een civiele zaak, maar strafrecht is mijn passie, daarin voel ik me als een vis in het water. Ik vind het mooi te laten zien dat politie en het OM ook niet altijd weten waar ze mee bezig is. Dit seizoen sta ik zowel een verdachte als nabestaanden van een slachtoffer bij, beide kanten van de medaille. Je ziet wat er gebeurt en waar de steken vallen.”

Hoe weet je of iemand de ­waarheid vertelt?

"Natuurlijk willen we voor dit programma mensen helpen die het verdienen, maar je bent er nooit zelf bij geweest. In het eerste seizoen zat iemand van wiens verhaal we allemaal overtuigd waren. Na afloop kregen we veel reacties waardoor toch twijfel ontstond over het waarheidsgehalte van zijn verhaal. Maar zo gaat het in het echt ook; er is wel vaker twijfel als je meerdere kanten van een verhaal hoort. Volgens mij was dat ook een deel van het succes in seizoen 1. Het recht is niet altijd zwart-wit.”

Kost een zaak veel tijd?

"Ontzettend veel tijd. En Pro Deo is in dit geval ook echt pro deo: we doen het voor noppes. Soms hebben mensen zo’n goede zaak, maar hebben ze de middelen niet om een rechtszaak door te zetten. Dat is schrijnend en dat gaat ons werkelijk aan het hart.”

Hebt u het drukker gekregen sinds Pro Deo?

"Het was al heel druk en het is er niet minder op geworden. Maar de mensen die strafbare feiten plegen, weten ons kantoor ook zonder tv-programma wel te vinden. De beste plek voor reclame is altijd de ­gevangenis; een belangrijk gespreksonderwerp onder gedetineerden is hun zaak en de kwaliteit van hun advocaat.”

Mariëlle vertelde tijdens seizoen 1 ook al iets over haar werk voor Pro Deo.

Reageren